|
1
Wat is Vrijmetselarij?
"Vrijmetselarij is de uit innerlijke drang geboren geestesrichting,
welke zich openbaart in een voortdurend streven naar ontwikkeling van
al die eigenschappen van geest en gemoed die de mens en de mensheid kunnen
opvoeren naar hoger geestelijk en zedelijk peil."
Vrijmetselarij is een ethisch-gericht genootschap dat gebruik maakt van
de symboliek van metselaars en steenhouwers. Het is een eigentijdse stroming,
maar wel geworteld in eeuwenlange traditie. De Vrijmetselaar wil zich
bewust zijn van zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid, onafhankelijk
van politieke voorkeur of religie. Vrijmetselarij is een Broederschap.
Ze richt zich op de (zelf)ontplooiing van de mens tot een in geestelijke
vrijheid denkende persoonlijkheid. Kenmerken zijn een bewust gekozen overtuiging
en een daaruit voortvloeiende levenshouding. Iedere Vrijmetselaar zoekt
op eigen wijze naar waarheid. Vrijmetselarij is geen religie maar een
werkmethode die bestaat uit inwijding, bespreking en bezinning met gebruikmaking
van ritualen en symbolen voor het overdragen van gedachten en gevoelens.
Vrijmetselaren geloven 'ieder op eigen wijze' dat er meer is tussen hemel
en aarde, dat onze mensheid beweegt.
Wellicht bent u geinteresseerd hoe dat proces er in de dagelijkse praktijk
uitziet. Deze rondreis door de Vrijmetselarij is ontworpen om u een beknopt
inzicht te verlenen in de geschiedenis van de orde en haar werkwijze.
U kunt deze rondreis per onderwerp maken en desgewenst terugkeren naar
de trefwoordenboom om een ander onderwerp te selecteren, maar u kunt ook
doorlezen tot het eind.
Terug
|

|
|
2 Geschiedenis
van de Vrijmetselarij
De oorsprong van de 'speculatieve' Vrijmetselarij zoals wij hem kennen
is grotendeels onbekend. In de middeleeuwen ontstonden metselaarsgilden
die, in tegenstelling tot andere vakgilden, niet aan een vaste stad waren
gebonden. Stenen gebouwen waren er in de middeleeuwen nauwelijks. Als
een groot stenen bouwwerk, zoals een kathedraal gereed was, dan gingen
de vaklieden op weg naar andere bouwplaatsen om daar hun diensten aan
te bieden. In de loop der middeleeuwen ontwikkelde zich onder architecten
maar ook onder steenhouwers en metselaars een grote vakbekwaamheid. Binnen
de gilden kende men leerlingen, gezellen en meesters.
Vanwege hun grote mobiliteit ontstond er binnen het gilde maar ook per
graad behoefte aan herkenningstekens en wachtwoorden, om onbekende leden
van gilde en graad te kunnen herkennen en aan te nemen in de loge, de
bouwhut of bouwkeet ter plaatse. Het freemason zou een samentrekking zijn
van freestone mason, de vakmetselaar die de extra bekwaamheid bezat om
de zachte, fijne kalkstenen freestone te bewerken. Dit in tegenstelling
met de roughstone mason, die aan de gewone steen arbeidde. Zo zou de tegenstelling
tussen freemason en rough mason zijn ontstaan. De Vrije metselaar en de
ruwe metselaar. Terug 1717 is een historisch jaar voor de Vrijmetselarij.
Op 21 Juni besluiten vier Loges uit Londen tot samenwerking in een overkoepelend
orgaan, de Grootloge genaamd.
Het is duidelijk dat deze Loges reeds voor 1717 bestonden, maar ze treden
nu met de nieuwe Grootloge in het openbaar. In 1721 stelt de Schotse predikant
James Anderson, in opdracht van de Engelse Grootloge, een wetboek samen.
Vanaf dit jaar treden ook loges buiten Londen toe. De Grootmeester is
vanaf nu afkomstig uit de hoge adel. We zien een felle expansie, alleen
te verklaren uit het feit dat deze loges al bestonden maar nu pas in de
openbaarheid komen of administratief via de Grootloge zichtbaar worden.
Ook op het vaste land van Europa ontstaan kort hierop in hoog tempo nieuwe
loges wat er volgens sommige theorieën op wijst dat het hier een formalisering
betreft van een aantal al bestaande loges. In 1723 volgt een uitgave door
James Anderson, ondersteund door dr. John Theophilus Desaguliers en George
Payne, van The Constitutions of the Free-Masons, bestaande uit History
(legendarische geschiedenis), Charges (gedragsregels) en Regulations (organisatorische
bepalingen) en besloten door een aantal maçonnieke liederen. Het betreft
hier een beginselverklaring en grondwet, een gemoderniseerde bewerking
van oudere 'Manuscript Constitutions', dat zijn charters (tevens constitutiebrieven)
van 'operatieve' steenhouwerloges en constituties van bestaande 'speculatieve'
loges.
In Nederland wordt in 1731 Frans hertog van Lotharingen (later echtgenoot
van Maria Theresia van Oostenrijk en Duits Keizer) in een loge ten huize
van de Engelse gezant in Den Haag als Leerling- en Gezel Vrijmetselaar
aangenomen door o.a. J.Th. Desaguliers. In 1734 wordt de eerste Nederlandse
loge gesticht, Loge du Grand Maître in Den Haag. Ze bestaat vandaag nog
steeds onder de naam 'L Union Royale. In 1735 vormt die Loge du Grand
Maître zich om tot een Haagse Grootloge. Er wordt een tweede loge in Den
Haag en een derde in Amsterdam gesticht. De 'Prinsgezinde' Vrijmetselarij
wordt door de Staten van Holland en Westfriesland verboden maar leeft
vanaf 1744 weer op. In 1756 volgt de vereniging van loges onder Haagse,
Engelse en Schotse constituties tot een nationale Groote Loge der Zeven
Vereenigde Nederlanden. Kort daarop geeft de Nederlandse Grootloge, in
de grondwetgevende vergadering van de Orde, Grootsecretaris J.P.J. du
Bois opdracht tot samenstelling van een wetboek. Dat komt in 1761 tot
stand maar wordt in 1798 vervangen door een Nederlandse bewerking van
Andersons Constitutions. In 1770 wordt de Groote Loge door de Engelse
Grootloge der Moderns erkend als soevereine Grootmacht voor de gebieden
der Republiek en onderhorige koloniën en landen, zoals dat dan zo mooi
heet. In 1816 wordt Prins Frederik der Nederlanden, zoon van koning Willem
I Grootmeester-Nationaal en blijft dit tot zijn dood in 1881. In die periode
wordt de Nederlandse Vrijmetselarij verburgerlijkt.
Vanaf ongeveer 1880 komen de Nederlandse loges bijeen in eigen gebouwen.
Vanaf het eind van de 19de eeuw wordt een pseudo-wetenschappelijke stroming
tijdelijk dominant in de orde. Er is soms zelfs sprake van ontsporingen
door ongebreideld symbolisme op syncretistische grondslag. Sinds 1875
komt de beweging onder invloed van de theosofie en de reactie daarop.
In 1905 wordt de Maçonnieke Vereeniging tot Bestudeering van Symbolen
en Ritualen opgericht. Van 1906 tot 1940 verschijnt het tijdschrift De
Vrijmetselaar. Vanaf 1917 kent de Orde een nieuwe Ordegrondwet en Ordewetten.
Daaruit volgt onder andere dat men lid moet zijn van een loge om als vrijmetselaar
te worden erkend. In 1931 wordt de Vereeniging Tempelbouw opgericht door
architecten, die vrijmetselaar zijn.
Al in mei 1940 begint de bezetter het Ordegebouw in Den Haag te onderzoeken.
Functionarissen van de Orde en het gebouw wordt de toegang ontzegd. Op
3 september wordt beslag gelegd op de bezittingen van de Orde, niet veel
later worden ze verbeurd verklaard. Grootmeester Hermannus van Tongeren
wordt in oktober gearresteerd en sterft op 29 maart 1941 in concentratiekamp
Sachsenhausen. Tussen 1945 en 1946 begint de opsporing en terugbrenging
van de gestolen archieven en verzamelingen. Er wordt een begin gemaakt
met het herstel van de logegebouwen. In 1946 worden de Maçonnieke Vereeniging
tot Bestudeering van Symbolen en Ritualen en de Vereeniging Tempelbouw
gecombineerd tot Maçonnieke Stichting Ritus en Tempelbouw. Vanaf 1949
tot heden geven zij het tijdschrift Thoth uit. In 1999 zijn de Ordegrondwet
en Ordewetten vernieuwd. Bovendien is er een nieuwe formulering van de
beginselverklaring aangenomen.
Terug
|



|
|
3 Bekende
Vrijmetselaars
Bekende persoonlijkheden als Mozart, Multatuli, Goethe, Washington en
Truman zijn mede gevormd door hun betrokkenheid bij de Vrijmetselarij.
Hedendaagse Vrijmetselaren zullen met beide benen in de 21ste eeuw staan
en vormen met elkaar een evenwichtig verbond, waarin velen in de maatschappij
zich zullen herkennen. De vrijmetselarij als organisatie timmert in het
algemeen niet zo aan de weg, maar wie naar een bibliotheek gaat treft
daar diverse boeken aan waarin deze stroming ruimschoots wordt toegelicht.
Om een beeld te krijgen van wie zich door de tijden heen thuis hebben
gevoeld bij de orden kunt u een blik werpen op www.mn-mason.org/famous.html.
Terug
|
 |
|
4 Organisatie
De Nederlandse Vrijmetselarij is een Broederschap. En is alleen toegankelijk
voor meerderjarige mannen. Nederland telt zo'n 6000 Vrijmetselaren verdeeld
over 144 Vrijmetselaarsloges. Iedere loge is een formele vereniging in
de zin van de wet. Vrijmetselaarsloge's komen wekelijks tot maandelijks
bijeen. Samen vormen deze loges de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten
der Nederlanden die meestal verkort wordt aangeduid met Orde van Vrijmetselaren.
Het Grootoosten is de jaarvergadering van de tot de Orde behorende loges
in Nederland en enkele voormalige Nederlandse gebiedsdelen. Deze vergadering
is het hoogste wetgevende orgaan in de Orde en komt minstens één maal
per jaar bijeen. De hoofdzetel en het secretariaat van de Orde zijn gevestigd
in Den Haag. Uitgebreide informatie vindt u op Internet, www.vrijmetselarij.nl.
Aan het hoofd van de Orde staat een Grootmeester. Er bestaat geen internationale
overkoepeling, waaraan de nationale organisaties verantwoording afleggen.
Men wordt als leerling-Vrijmetselaar aangenomen als lid van een loge.
Na enige tijd volgt bevordering tot gezel-Vrijmetselaar, daarna tot meester-Vrijmetselaar.
Terug
|

|
|
5 De Loge
Een Nederlandse Vrijmetselaarsloge bestaat door de bank genomen uit zo'n
dertig tot veertig broeders die veelal wekelijks bijeenkomen. Een Loge
wordt voorgezeten door een Voorzittend Meester die uit de broeders van
de loge gekozen wordt. De loge kent verder een bestuur en een aantal officieren
die bij de werkzaamheden voor de loge en in de ritualen een rol vervullen.
In de vertrouwde omgeving van het logegebouw kunnen gedachten de vrije
loop krijgen en nemen. De ceremoniële bijeenkomsten zijn rijk aan symboliek
en tradities, die hun betekenis bewijzen in het hier en nu. De symboliek
is voor een belangrijk deel ontleend aan de laatmiddeleeuwse bouwgilden.
Het is kenmerkend voor Vrijmetselaren om het zoeken te propageren en te
trachten eigen gedachten te vervolmaken. Het opdoen van wijsheid en ervaring
is geen eindbestemming, maar een voortdurend proces.
Terug
|

|
|
6 Het logegebouw
De loge komt bijeen in een logegebouw. In dat gebouw bevindt zich de
zogenaamde Voorhof waarin op woensdagavond de wekelijkse bijeenkomsten
van Loge Jacob van Campen plaatsvinden. Ze worden comparities genoemd.
De Voorhof is een gewone ruimte met zitplaatsen voor de broeders en een
spreekgestoelte dat we binnen de Orde de Gebroken Kolom noemen. Naast
de Voorhof vindt u in het logegebouw de ruimte waar we tijdens zogenaamde
'Open Loges' onze Vrijmetselaarsritualen uitvoeren. Op onze startpagina
kunt u een virtuele rondleiding maken door ons logegebouw. U kunt dan
zowel de Voorhof als deze 'Vrijmetselaarswerkplaats' bezichtigen
Terug
|
 |
|
7 Hoe werkt
de Vrijmetselarij?
De werkmethode van de Vrijmetselarij bestaat uit inwijdingen, besprekingen
en bezinning. Essentieel daarbij zijn ritualen en symbolen die worden
gebruikt om gedachten en gevoelens over te dragen. De Vrijmetselarij is
geen religieuze organisatie. Wel gaat ze uit van een scheppend principe,
een hoog beginsel, dat ook wel wordt omschreven als de Opperbouwmeester
van het Heelal. Het staat iedere broeder volstrekt vrij daar een eigen
invulling aan te geven en die persoonlijke invulling staat binnen de broederschap
niet ter discussie. Juist het gebruik van symboliek maakt het voor de
meeste Vrijmetselaren mogelijk om een eigen visie op die Opperbouwmeester
te onwikkelen, onderhouden en behouden. Het dogma heeft in de Vrijmetselarij
geen plaats.
Terug
|

|
|
8 De comparitie
Normaliter komen de broeders wekelijks bijeen in de Voorhof van het
Logegebouw. Ze zijn dan 'casual' gekleed. Deze bijeenkomsten worden 'comparitie'
genoemd. Tijdens een comparitie wordt doorgaans door een broeder een 'bouwstuk'
opgeleverd. Het bouwstuk kan een willekeurig onderwerp behandelen, maar
in veel gevallen heeft zo'n onderwerp een beschouwend karakter. Persoonlijke
belevenissen in de dagelijkse wereld of een persoonlijke visie daarop
worden uiteengezet vanuit de achtergrond van de Vrijmetselaar. Soms is
een bouwstuk zeer persoonlijk, soms worden onderwerpen vanuit een geestelijke
en/of wetenschappelijke kant tegelijk benaderd. Na de oplevering van het
bouwstuk zijn de broeders in de gelegenheid om vragen over het bouwstuk
te stellen. Gelet op het principe dat ieder mens een eigen perceptie van
de waarheid heeft en het grote gelijk niet bestaat, wordt er na een bouwstuk
geen discussie gevoerd. Dat weerhoudt de broeders overigens niet om kritische
vragen te stellen of hun eigen mening naast die van de inleider te leggen.
Het is een delicaat proces om vragenderwijs een onderwerp verder uit de
diepen en daarbij twistgesprekken te vermijden. Na de comparitie wordt
de Voorhof nog niet gesloten. De meeste broeders blijven nog wel even
om onder het genot van een drankje, wat na te praten. Naast het geestelijke
aspect van de Vrijmetselarij heeft de broederschap ook een zeer sociabel
karakter. Binnen de Orde treft u broeders van een zeer verschillend pluimage.
U treft er net zo goed wetenschappers, als militairen, zakenmensen, managers
en politiemensen. Ieder van ons heeft wellicht zijn eigen doelen in het
leven. En zoekt zijn eigen antwoorden en waarheden. De Vrijmetselarij
wordt door de broeders zelf wel eens gekscherend de grootste vereniging
van individuen ter wereld genoemd. Maar wat ons vereent is de methode.
Terug
|

|
|
9 De Open
Loge
Naast de comparities komen de broeders een aantal malen per jaar bijeen
in 'Open Loge'. Deze open loges vinden plaats in de speciale ruimte binnen
het logegebouw. Het zijn vaste rituelen waarbij veelvuldig gebruik wordt
gemaakt van symbolen en rituele teksten. Tussen de handelingen door wordt
muziek ten gehore gebracht. De ritualen en symbolen zijn veelal afkomstig
van de middeleeuwse bouwgilden en de kathedralenbouw. In de Vrijmetselarij
ziet de mens zichzelf als een te bewerken ruwe steen die, eenmaal tot
zuivere kubiek geworden, deel kan uitmaken van de Tempel der Schoonheid.
In Open Loge worden o.a. nieuwe leden als leerling-vrijmetselaar ingewijd,
leerlingen tot gezel bevorderd of gezellen tot meester verheven. Bij deze
ritualen spelen symbolische reizen door verleden, heden en toekomst van
de broeder een grote rol. Bij de Open Loge dragen de broeders een rokkostuum.
Daarnaast worden een schootsvel en witte handschoenen gedragen, attributen
die symbolisch zijn voor de arbeid die verricht gaat worden. Officieren
en functionarissen bij de open loge dragen bijzondere herkenningstekens
die we cordons noemen. Bij de meeste Vrijmetselaarswerkplaatsen is het
gewoonte om na de open loge te dineren, het zogenaamde broedermaal, dat
in veel gevallen als het tweede hoogtepunt van de avond wordt gezien.
Terug
|

|
|
10 Het
geheim van de Vrijmetselarij
Er is veel geschreven over de geheimen van de Vrijmetselarij. De geheimzinnigheid
van de Orde. Die benadering is niet altijd even positief. Jammer, want
de Orde moet volstrekt niets hebben van misplaatste geheimzinnigheid.
Wel is het zo dat onze bijeenkomsten besloten zijn. Dat is iets anders.
Ook in praktische zin zijn onze besloten ritualen niet meer geheim. In
de loop der eeuwen is er een aantal broeders uit de orde getreden die,
via woord en geschrift, hebben duidelijk gemaakt wat er binnen de Orde
in zijn algemeenheid en de open loges in het bijzonder gebeurt. En wie
vandaag de dag wil weten hoe een Vrijmetselaarsrituaal wordt uitgevoerd
hoeft niet meer naar de Koninklijke Bibliotheek om verradersgeschriften
te lezen. Sinds enige tijd kunt u ze ook op het Internet vinden. De inwijdings-,
bevorderings- en verheffingsritualen vertellen de betrokken broeder iets
over zichzelf. Over de zin van het bestaan en zijn rol daarin. Deze ritualen,
vol van symboliek, spinnen zich rond de begrippen Wijsheid, Kracht en
Schoonheid. Ze zijn van een grootse eenvoud. Er wordt geen gebruik gemaakt
van effecten of trucs. Wie Vrijmetselaar wil worden - of de kans niet
uitsluit dat dit ooit nog eens gebeurt - doet er verstandig aan deze ritualen
onbevangen in te gaan en zich slechts voor te bereiden op een unieke ervaring.
Wie niet echt geinteresseerd is in de diepere achtergronden van de Vrijmetselarij
zal het geheim van de Vrijmetselarij niet vinden. Niet in boeken, niet
op het Internet. Het geheim van de Vrijmetselarij is het geheim van jezelf.
Terug
|

|
|
11 Samenstelling
van de loge
De loge is uiterst divers van samenstelling. De Vrijmetselarij is geen
elitair gezelschap. Althans niet in de zin van voorkeur voor sociale klassen
of beroepsgroepen. Iedere man kan toetreden tot de Orde. Wel is het voor
beide partijen van belang dat u zich bij ons zult thuisvoelen. De Orde
heeft haar leden veel te bieden, maar kan dat vooral vanwege de individuele
en gezamenlijke inbreng van die leden. De Orde is geen sekte en heeft
ook geen sektarisch karakter. In tegendeel, de Orde biedt juist ruimte
aan alle verschillende percepties van het bestaan, in plaats van het terug
te brengen tot één al dan niet geopenbaarde waarheid. De voorwaarde voor
toetreding is dat u "een vrij man van goede naam" kunt worden genoemd.
Ook dit is een begrip dat vooral een symbolische waarde heeft. In de praktijk
zien we, kijkende naar de leeftijdsopbouw binnen de broederschap, dat
er niet al te veel broeders jonger dan veertig jaar zijn toegetreden.
Vanaf veertig jaar is de leeftijdsopbouw binnen de broederschap gelijkmatig
te noemen.
Terug
|

|
|
12 De vrouw
in de Vrijmetselarij
De Vrijmetselarij is een broederschap. Eertijds kenden de ambachtelijke
loges alleen mannelijke arbeiders. De symbolische loges hebben die lijn
doorgetrokken en vormen traditioneel en principieel een mannengemeenschap
waarvan de vrouw geen lid kan zijn. Dat mag niet als discriminerend ten
opzichte van de vrouw worden beschouwd. Er wordt van een kandidaat-lid
verwacht dat zijn partner vooraf met zijn toetreding instemt. Vrouwen
kunnen dus niet toetreden tot de 'reguliere' Orde van Vrijmetselaren.
Reguliere Vrijmetselaarsloges worden erkend door de Engelse Grand Lodge
waar de geschiedenis van de huidige Vrijmetselarij ooit begon. Er bestaat
wel gemengde Vrijmetselarij. Onder andere de Ordre Maçonnique Mixte International
Le Droit Humain. Deze orde wordt niet tot de 'reguliere' Vrijmetselarij
gerekend. De vrouw wordt binnen de Vrijmetselarij wel een belangrijke
rol toegekend. Bij diverse gelegenheden wordt de vrouw bij het logeleven
betrokken. In hoeverre zij in zijn ontwikkeling als vrijmetselaar kan
delen, zal geheel van hem afhangen. Overigens bestaat er ook een verwante
orde voor vrouwen, "Vita Feminea Textura" .
Terug
|


|
|
13 Wat
kost het
De Vrijmetselarij is een vereniging en dat betekent dat u ook in de wereldse
zin lid moet worden. Aan het lidmaatschap zijn kosten verbonden. Die contributie
blijft beperkt tot 300 euro per jaar. Van dat geld wordt onder andere
het logegebouw onderhouden en wordt de bediening in de Voorhof betaald.
Verder kost het lidmaatschap u een paar avonden per maand en een gezonde
dosis inzet. Hier tegenover staat een extra impuls aan de kwaliteit van
het leven door verdieping van geest en de warmte van oprechte vriendschappen.
Circa zesduizend Nederlandse vrijmetselaren hopen op deze wijze bij te
dragen aan een evenwichtige ontwikkeling van onze samenleving. Niet direct
naar buiten gericht, maar indirect door zelfontplooiing en daardoor het
bewuster dragen van verantwoordelijkheid.
Terug
|

|
|
14 Hoe
kom ik in contact?
Vrijmetselaarsloges houden jaarlijks een aantal inloopavonden voor geïnteresseerden..
Data daarvoor worden ruim te voren op deze site gepubliceerd. U leest
daarover ook in streek- en stadsbladen. Maar u kunt ons ook mailen indien
u geïnteresseerd bent. U vindt het emailadres op pagina Welkom van deze
site. Wilt u persoonlijk contact of specifieke informatie, dan kunt u
bellen met de woordvoerder van de loge, de heer J. Schenk, 033-4614766.
Terug
|
 |